Wanneer is een groep een team?

Lees meer posts als deze in categorie: Lachend in de leerstand | Succesvolle teams

Het verschil zit niet in het organogram, maar in hoeveel je elkaar dagelijks nodig hebt.

Vorige week had ik bij TeamSpeling een HR-manager aan de lijn met de vraag of wij een intensieve teamtraining konden verzorgen voor haar team van 38 mensen. Ze vertelde dat het een fijn stel collega's was: betrokken, hardwerkend, uitstekende sfeer. De enige reden dat ze belde, was dat de mensen elkaar zelden zagen. De ene helft zat in Groningen, de andere helft in Rotterdam. De teamleden stonden formeel in hetzelfde vakje van het organogram, maar werkten de rest van het jaar grotendeels langs elkaar heen.

We noteerden de aanvraag, maar het gesprek legde precies de vinger op een blinde vlek in managementland. Want hoe sympathiek en hardwerkend deze 38 mensen ook waren, we hadden hier simpelweg niet te maken met een team. Dit was een groep collega's. Vergelijk het met een pluk willekeurige mensen die samen bij een bushalte staan te wachten op lijn 7. Ze hebben dezelfde chauffeur en dezelfde bestemming, maar ze hebben elkaar totaal niet nodig om de volgende halte te bereiken.

Het woord 'team' is in de loop der jaren zo hardnekkig uitgehold dat organisaties het zijn gaan plakken op elke willekeurige verzameling mensen die toevallig dezelfde leidinggevende hebben. Dat is jammer, want het verschil tussen een groep en een team is geen semantische discussie voor professoren. Het bepaalt of je op de werkvloer met scherp schiet of aan een dood paard trekt.

Wat de wetenschap stiekem al weet

De wetenschap maakt al decennialang korte metten met de kantoortaal waarin iedereen zomaar een team wordt genoemd. In 1993 definieerden onderzoekers Katzenbach en Smith een team als een kleine groep mensen met complementaire vaardigheden die zich inzetten voor een gemeenschappelijk doel, waarvoor zij wederzijds verantwoordelijk zijn.

De legendarische organisatiepsycholoog Richard Hackman deed daar nog een schepje bovenop. Hij stelde dat een real team duidelijke grenzen heeft (iedereen weet exact wie er wel en niet bij hoort) en beschikt over een onderlinge taakafhankelijkheid.

Als we die literatuur samenvatten, is een team feitelijk gebouwd op drie harde pijlers:

  • Een gemeenschappelijk doel: er is een heldere, gedeelde missie.
  • Onderlinge taakafhankelijkheid: je hebt elkaar fundamenteel nodig om het resultaat te behalen.
  • Duidelijke binnen- en buitengrenzen: iedereen weet exact wie er wel en wie er niet bij de club hoort.

In gewone mensentaal: je bent pas een team als je elkaar nodig hebt om de finish te halen. Als de een zijn werk niet doet, kan de ander niet presteren. Teams waarbinnen die onderlinge afhankelijkheid niet is georganiseerd, of simpelweg wordt gemist, doopte Hackman om tot nominal teams: teams in naam, maar niet in de praktijk. Een afdeling van dertig collega's die allemaal individueel hun eigen taken of klanten bedienen, is een working group. Niets mis mee, de collega's staan gewoon gezellig samen te wachten op lijn 7. Meer niet.

De dagelijkse praktijk

Bij TeamSpeling zien we veel groepen op onze trainingsvloer. Laat ik direct iets ophelderen: een team is een groep, maar een groep is niet per definitie een team. Dat moeten we nog maar zien. Hoe? Dat is vrij simpel. Door in de zaal de groep aan te kijken en de vraag te stellen:

"Vertel eens, wat is jullie gezamenlijke doel en hoe zijn jullie in de dagelijkse praktijk van elkaar afhankelijk om dat te bereiken?"

Als het daarna langer dan 15 seconden doodstil blijft in de zaal, weet je genoeg. Er ontstaat een milde, herkenbare verwarring. Het doel staat vaak nog wel ergens in een beleidsstuk, maar de dagelijkse onderlinge afhankelijkheid wordt op de werkvloer totaal niet gezien of ervaren. Op papier staat er een team, in de praktijk functioneert het als een groep.

We werken met uiteenlopende groepen. Als ik uitzoom zie ik ongeveer drie soorten groepen die met grote regelmaat als team worden aangemeld, terwijl de onderlinge afhankelijkheid op de werkvloer volledig ontbreekt:

1. De grote afdeling

Dit zijn de dertig, veertig of honderd professionals die samen in die grote hark van het organogram zitten. Op de vloer wordt snel duidelijk dat de gezamenlijke missie en onderlinge afhankelijkheid niet worden ervaren. De groep lijkt vooral verbonden op basis van een kostenplaats. Als die afhankelijkheid mist, trekken mensen zich terug op hun eigen eiland. De cultuur wordt individualistisch, de resultaten blijven achter en de energie stolt. Men leeft volledig langs elkaar heen.

2. Het expertiseteam verspreid over locaties

Dit zijn de specialisten die geografisch verspreid zitten over verschillende regio's of domeinen. Het team vergadert periodiek samen, maar in de dagelijkse praktijk werkt iedereen zelfstandig op zijn eigen post. De tastbare onderlinge afhankelijkheid is laag. Wat dit met mensen doet? Hun biologische zenuwstelsel zoekt naar veiligheid en verbinding bij de kudde die het team wél dagelijks ziet: de eigen lokale regio. De loyaliteit verschuift, waardoor het centrale team aan de achterkant een soort papieren constructie wordt. Men is beleefd naar elkaar, maar de onzichtbare grens tussen de locaties staat pal overeind. Er ontstaat een hardnekkige eilandjescultuur.

3. De ploeg in oprichting

Dit zijn de groepen die net zijn samengevoegd door een fusie of reorganisatie. De strategische ambitie is helder, maar de feitelijke onderlinge afhankelijkheid moet in de praktijk nog helemaal worden uitgevonden. Managers zien dit vaak als de ultieme schone lei: bladzijde omslaan, stip op de horizon en gaan. Maar onder de oppervlakte bestaat een schone lei helemaal niet. Een reorganisatie betekent dat er krassen zijn opgelopen en dat er sprake is van organisatorische rouw. Er zijn collega's vertrokken en het organisatorische hart is ergens beschadigd. Als je dan roept dat iedereen 'positief vooruit moet kijken', sluit je dat verleden buiten. De onderdrukte energie komt via de achterdeur terug in de vorm van een diep cynisme: pure zelfbescherming van medewerkers wiens hart gewond is geraakt. Er ontstaat een taaie onderhuidse kramp.

Gestolde energie laten stromen

Hoe breng je hier nu verandering in? Het is de kunst van elk programma voor teamontwikkeling om deze onderlinge afhankelijkheid (of het gebrek eraan in de praktijk) zichtbaar en voelbaar te maken. Het is de hefboom die gestolde energie weer kan laten stromen.

De kunst is om de grens samen zichtbaar te maken tussen de binnenwereld en de buitenwereld. Door de geschiedenis en de verhalen van de grote afdeling terug te brengen, versterk je de gedeelde identiteit en missie. Ook het fysiek opstellen van de onderlinge afhankelijkheden in het werkproces zal teamversterkend werken. Pas wanneer die verbindingen in de ruimte tastbaar worden gemaakt, valt de kramp weg. Dan wordt een groep een team.

Wanneer wordt een groep een team?

Het plakken van het stickertje 'team' op elke willekeurige verzameling mensen is dus niet zo onschuldig als het lijkt. Het zorgt voor valse verwachtingen, frustrerende targets en droge stappenplannen die hopeloos aan de oppervlakte blijven hangen.

Wanneer is een groep een team? Het antwoord zit voor een heel belangrijk deel wél in de hark van het organogram. Die hark is namelijk niet zomaar een kantoortekening; het bepaalt de keiharde binnen- en buitengrenzen van het systeem. Het geeft de club haar officiële positie, haar vertrouwen en psychologische veiligheid en haar bestaansrecht.

Maar de hark is pas de helft van het verhaal. Een groep wordt pas een team als die formele grens op de vloer tot leven komt door geleefde onderlinge afhankelijkheid. Het antwoord op de hoofdvraag vind je dan ook direct zodra je die ene vraag in de zaal stelt: waar hebben jullie elkaar in de dagelijkse praktijk écht voor nodig?

Je bent pas een team als het na die vraag geen 15 seconden ijzig stil blijft, maar als de onderlinge afhankelijkheid een tastbare realiteit is in de ruimte. Zodra de grote afdeling haar oorspronkelijke historie in de hark weer omarmt, zodra het regioteam haar dubbele loyaliteit over de grenzen heen recht in de ogen kijkt, en zodra de ploeg in oprichting de rouw van de oude hark durft los te laten om samen die nieuwe bus in te stappen, dán ontstaat de bedding waarin de gestolde energie weer kan gaan stromen.

Pas wanneer iedereen binnen de grens van de hark feitelijk voelt, ziet en ervaart hoe de teamleden elkaar keihard nodig hebben om de finish te halen, stopt het sjorren aan losse poppetjes. Dan pas begint de echte beweging op de vloer. Dan wordt een groep een team.


Veelgestelde vragen over teams en groepen

Wat is het verschil tussen een groep en een team?

Een groep is een verzameling collega's die onder dezelfde leidinggevende vallen, maar wiens resultaten niet wezenlijk van elkaar afhangen. Een team is een kleine groep mensen met complementaire vaardigheden, een gemeenschappelijk doel en onderlinge taakafhankelijkheid: valt één schakel weg, dan lukt het de rest niet om het gezamenlijke resultaat te behalen.

Wanneer mag je een afdeling een team noemen?

Pas als drie voorwaarden tegelijk aanwezig zijn: een helder, gedeeld doel, duidelijke grenzen en tastbare onderlinge afhankelijkheid in het dagelijkse werk. Ontbreekt één van deze drie, dan functioneert de afdeling in de praktijk als working group.

Wat bedoelde Hackman met een real team?

Een groep met duidelijke grenzen, een stabiele samenstelling en leden die elkaar daadwerkelijk nodig hebben om een gezamenlijk resultaat te behalen. Ontbreekt die afhankelijkheid, dan spreekt Hackman van een team in naam: dezelfde leidinggevende, geen gezamenlijk product.

Waarom is het misleidend om elke groep een team te noemen?

Het label wekt verwachtingen die de praktijk niet waarmaakt. Bij TeamSpeling zien we dat die verwarring een van de grootste redenen is waarom teaminterventies niet beklijven.

Hoe herken je of je afdeling een team of een groep is?

Stel in de zaal één vraag: waar hebben jullie elkaar in de dagelijkse praktijk écht voor nodig om het gezamenlijke doel te halen? Blijft het stil, dan werk je met een groep.

Hoe helpt TeamSpeling een groep te ontwikkelen tot een team?

Wij maken de onderlinge afhankelijkheid tastbaar op de trainingsvloer. Het team functioneert zoals het altijd doet, waardoor patronen zichtbaar worden, en de trainer duidt wat daar zichtbaar wordt.

Werkt dit ook voor managementteams?

Ja, en vaak is dat het beste startpunt. Dezelfde drie voorwaarden (doel, grenzen, afhankelijkheid) gelden voor een MT als voor elk ander team.


Bronnen

  • Katzenbach, J.R. & Smith, D.K. (1993). The Wisdom of Teams: Creating the High-Performance Organization.Harvard Business School Press.
  • Katzenbach, J.R. & Smith, D.K. (1993). The Discipline of Teams. Harvard Business Review, maart-april 1993.
  • Hackman, J.R. (2002). Leading Teams: Setting the Stage for Great Performances. Harvard Business School Press.

TeamSpeling Blog

TeamSpeling is een bureau dat teams helpt te groeien. Ontdek onze unieke en efficiente methode. Lees meer op onze homepage.

Snel advies en een vrijblijvende offerte voor de team ontwikkeling van jouw teams?

Clemen Mensink

Clemen Mensink

Oprichter TeamSpeling. Dagelijks bezig met ontwikkelen van de programma's, trainers trainen in de TeamSpeling formule, teksten schrijven en veel meer.

Teamtraining teamontwikkeling van TeamSpeling

Hoe kan TeamSpeling jouw team helpen? We sparren er graag over in een vrijblijvend gesprek.

Teams in heel Nederland ervaren onze formule en waarderen ons met een hoge klanttevredenheid. Ontdek wat we ook voor jouw team kunnen doen. Geschikt voor alle teams en in het Engels voor internationale teams.